De jaarwisseling is altijd een testritje. Vanaf 1 januari heb ik 5 maanden de tijd om het kaf van het koren te scheiden en de doelen uit mijn voornemens te destilleren. Gezien het feit dat ik elk jaar koppiger word en het steeds vaker vertik voornemens te formuleren, slaat in april de paniek toe en ben ik een maand lang druk bezig te bedenken hoe ik m’n leven op orde moet gaan krijgen – je weet wel; net als vorig jaar.

Hoewel het begin van een nieuw kalenderjaar me altijd vrij weinig doet, til ik er altijd zwaar aan een levensjaar bij mezelf op te moeten tellen. Niet vanwege het idee van “oud” worden, aangezien ik denk dat je met de jaren alleen maar wijzer wordt dus dat de leeftijd iets is wat je moet willen; zoals ze zeggen over wijnen. Ik ga echter ieder jaar ga bij mezelf na of ik gegroeid ben, zowel als persoon – in hoe ik mezelf staande houd en met andere deel – als in m’n persoon. Waarbij ik me telkens afvraag of ik me ieder jaar iets meer als mezelf ga gedragen. Of het me telkens minder fucks boeit wat “de rest” vindt dat ik zou moeten doen of zijn of uitstralen en het me steeds meer lukt om gewoon lekker authentiek en lomp de wereld door banjeren (geen zorgen, ik ben sporadisch ietwat gracieus).

De vraag is dus of ik groei. Zet ik uit op manieren die me bevallen? Word ik de mens die ik wil zijn; denk, praat en functioneer ik op de manier die ik wil? De afgelopen jaren is het beantwoorden van die vragen vaak enorm pijnlijk geweest. Ik ben laks geweest, gemeen, ik heb tijd verspild en relaties dood laten bloeden. Niet per se omdat ik het wilde, maar omdat ik me niet fijn voelde met waar ik was en wie ik was. Wat doe je dan? Eigenlijk wat de mens altijd doet: rebelleren. Je gaat je afzetten tegen dingen, vaak dingen die je eigenlijk wilt maar die je niet kunt hebben. Je bagatelliseert de dingen die anderen bereiken omdat je daar zelf wilt zijn en je niet lang genoeg over je bitterheid heen kunt zetten om oprecht blij voor ze te zijn. En stel je dan eens voor dat jij op dat punt aanbeland waar je wilt zijn en de rest er niet veel meer dan een waterig lachje uit gooit? Precies. Dat voelt enorm kut rot.

Dat was een paar jaar geleden. Sindsdien ben ik kalmer (let wel: niet rustiger!) en weet ik meer afstand te creëren tussen hoe ik me voel en hoe ik me uit. Ik zeg nu ook altijd dat mijn slechte dag de jouwe niet is. Ik ben niet altijd vrolijk of tevreden, maar me afreageren op m’n omgeving werkt niet. Daarbij komt dat ik zo weiger de verantwoordelijkheid te nemen voor mezelf. Voel ik me rot om een conflict? Mooi. Misschien doe ik er dan ook wat aan in plaats van mezelf van binnen op te vreten of de rest af te snauwen. Slechte dagen gebeuren en met een grote glimlach rondlopen werkt daar niet tegen, maar ik heb mezelf aangeleerd in ieder geval het fatsoen te hebben niks te zeggen als ik niks goeds te zeggen heb. Met uitzondering van momenten waarop ik gewoon een flapuit ben omdat mijn filter soms uitslaat – karaktertrekjes zijn wat lastiger te beteugelen.

Dit is maar een van de dingen waar ik aan werk en aan wil blijven werken het komende jaar. Want (open deuren intrappend:) goed is goed, maar beter is natuurlijk altijd beter. De vragen die ik me hierbij stel zijn de volgende:

  1. Wie wil ik zijn?
  2. Wat wil ik zijn?
  3. Hoe wil ik leven?

Simpel. Rechtdoorzee.

Dit jaar wil ik m’n verjaardagsmaand met jou vieren. Ik wil je meenemen bij het beantwoorden van die drie vragen. Waarom? Omdat ik denk dat het vragen zijn waar jij ook mee zit. Omdat ik het vermoeden heb dat je te veel dingen doet die je niet wilt doen en te weinig doet van de dingen waar je van houdt. En al is dit hoogstwaarschijnlijk niet jouw verjaardagsmaand: de beste tijd om te beginnen is altijd nu. Dus nu je hier toch bent, in mijn woon-/ werkkamer annex keuken, kunnen we het net zo goed samen doen. Laten we beginnen bij het begin:

W I E   W I L   J E   Z I J N ?

 Misschien ben je diegene al wel en moet ik stikjaloers op je zijn. Misschien weet je precies wie je wilt zijn, maar doe je niet de dingen die je zullen omtoveren tot die persoon. Hoe dan ook: ga het na, stel jezelf de ongemakkelijke vragen en geef zonder te knipperen antwoord.


Veel succes,

Veel liefs,

Edivania.