Tussen jou en m(e)ij: Wie wil je zijn?

Tussenjouenmeij wie wil je zijn 01 EdivaniaLopes.nl

Vorige week had ik een grote mond. Dit is mijn verjaardagsmaand, zei ik. Ik ga aan mezelf werken, zei ik. En tja, toen moest ik het doen ook. Misschien dacht ik wel dat het minder hard aan zou komen als we het samen zouden doen – alsof de lastige vragen wat makkelijker te beantwoorden zouden zijn als ik het idee had dat jij ze ook aan jezelf stelde. Het was zwaar om mezelf onder de loep te nemen. Ik heb geprobeerd vaste grond onder mijn voeten te krijgen door filmpjes te kijken, te beginnen in boeken die ik al jaren heb liggen en door het internet af te struinen naar ook maar het kleinste beetje informatie om me de goede richting te wijzen.

Eigenlijk zocht ik naar een handleiding. In mijn wanhoop ging ik er inderdaad vrij onnozel van uit dat een ander de handleiding geschreven had voor het leiden van mijn leven. Het lastigste vond ik niet eens om uit te moeten vogelen wat ik met mijn leven wil, maar om mezelf voor het blok te zetten. Toen ik eindelijk genoeg moed verzameld had bedacht ik me echter dat het vrij weinig zin had om me af te vragen wie ik wil zijn zonder eerst vast te stellen wie ik ben, zowel als mijn momentele zelf als mijn constante zelf. Opeens was ik ergens.

Een kwestie van identiteit
Toen ik met mijn kop in dat zand zat vond ik het artikel “On Identity: From a Philosophical Point of View” van Daniel Sollberger. Het artikel legt het concept identiteit uit en behandelt de verschillende manieren waarop het gedefinieerd en gebruikt wordt. Het hele artikel kun je nalezen door op de titel te klikken, het voornaamste dat ik hier echter wil aankaarten is het idee van identiteit als een combinatie van onveranderlijke (karakter)elementen in jezelf. De vraag die de auteur op een gegeven moment stelt is namelijk hoe het komt dat we altijd het gevoel hebben onszelf te zijn – ons identificeren als zijnde een Vany of een João – terwijl alles om ons heen onderhevig is aan veranderingen. De vraag is dus eigenlijk welke dingen je zó jezelf maken dat invloeden van buitenaf het niet aan kunnen tasten. Oftewel: wat zijn je constanten? Wat zijn de dingen waar je altijd naar terugkomt? De gebruiken en gewoontes die je in stand blijft houden? Wat zijn de plaatsen, wie zijn de mensen waar je naar blijft terugkeren? Door het geheel zo in stukjes op te breken wordt het wat makkelijker om door te hebben wat jou nou zo ontzettend jezelf maakt.

Vervolgens kun je in de constanten die je in jezelf ziet ook de karaktertrekjes terugvinden die je minder leuk vindt aan jezelf. Of de slechte gewoontes die je achter je meesleept alsof je leven ervan afhangt. Klinkt misschien een beetje ingewikkeld, dat weet ik, maar ik heb hierover nagedacht. Geef me een paar minuutjes.

En ze leefden nog lang en gelukkig
Het is handig om je identiteit te benaderen via de dingen waar je jarenlang je voldoening uit gehaald hebt of je ei in kwijt hebt gekund. Voor mij is dat altijd al verhalen vertellen geweest. Ik ben simpelweg dol op verhalen, tekst en boeken in het algemeen. Als kind gingen er tientallen werelden tegelijk voor me open als mijn moeder er een voorleesboek bij pakte. Ik droeg altijd een boek bij me in mijn rugzakje en ik kletste iedereen de oren van de kop met mijn hersenspinsels en observaties.

Een verhalenvertelster in hart en nieren, dat is wat ik ben. Dat wil alleen niet zeggen dat ik me ernaar gedraag, of tenminste, dat ik de verhalen ook daadwerkelijk vertel en doorgeef, in plaats van ze te verzamelen in schrijfboekjes groot en klein. Ik heb moeite met schrijven. Op dezelfde manier als dat ik dat heb met praten – écht praten. Ik ben altijd bang dat ik te veel verraad met mijn verhalen, dat je allemaal dingen te zien krijgt die niet voor ogen bestemd zijn. Maar waarom eigenlijk?

Als kind al voelde ik me niet op mijn plaats. Ik was niet Nederlands of Kaapverdisch, niet blank of donker en gedroeg me net iets te veel als een jongetje om goed met de meisjes op te kunnen schieten. Ik ben begonnen met schrijven omdat ik er mijn gevoelens en gedachtes in kwijt kon en net zo lang kon kneden in mijn zinnen tot ik een wereld gecreëerd had waar ik precies in paste. Dat kon keer op keer. Met zowel de woorden die ik van anderen kreeg via mijn boeken als de woorden die ik zelf op papier zette, kon ik dimensie na dimensie dromen waarin alles eindelijk op zijn plaats viel. Het was – is! – een fijn gevoel. Het is een integraal onderdeel van mij en ik weet dat ik het altijd zal blijven doen, omdat schrijven al die verdwaalde puzzelstukjes in mijn hoofd op hun plaats kan laten vallen.

Naast dit alles ben ik ook enorm geordend. Ik gebruik haast dagelijks een deel van mijn tijd om te rangschikken, ordenen, waarderen. Omdat het altijd heel chaotisch voelt in mijn hoofd zet ik dingen op papier, verplaats ik iets 2 mm en ga ik in mijn hoofd nieuwe mogelijkheden af om alles nóg beter te regelen. Allemaal in de hoop een lichter mens te zijn omdat ik mijn onrust niet mee hoef te dragen. Het krijgt allemaal een plekje, het vindt een eigen weg en mijn brein heeft weer ruimte over voor iets wat er meer toe doet dan het aantal waxinelichtjes dat ik in huis heb. Door orde en rust te creëren maak ik ruimte in mijn hoofd om die gesprekken met mezelf te voeren die me ook daadwerkelijk verder helpen naar waar ik terecht wil komen.

Enfin: wie wil je zijn?
Eigenlijk wil ik gewoon mezelf zijn. De verhalen die ik je zojuist verteld heb over twee van de dingen die mij zo ontzettend mezelf maken, heb ik je verteld in de hoop dat je de valkuilen weet te ontdekken. Het klinkt allemaal heel leuk, misschien zelfs aandoenlijk, om te stellen dat ik een geordende verhalenvertelster ben. Het verraadt echter ook meteen mijn neurotische trekjes en vluchtdrang. Als ik niet orden kan ik namelijk niet aan de slag. Laat het meteen ook duidelijk zijn dat ik niet hou van opruimen. Ik doe het puur omdat het me kalmeert als ik ergens mee zit of omdat ik na drie dagen wonen in een mini-ramp toch wel echt wat concentratievermogen moet creëren om een deadline te halen.

De keerzijde van het leven in een wereld geconstrueerd uit woorden, is dat hij in elkaar dondert zodra iemand met die woorden gaat rommelen. Op het moment dat je verhaal veranderd wordt door de tongen van de anderen heeft dat invloed op jou, ook dat vormt je identiteit. Een vrij instabiele basis, dus. Ik heb ook zo ontzettend veel van mezelf gestopt (verstopt) in pagina’s, zo veilig opgeborgen dat het er niet uit komt bij anderen. Ik voel me nog steeds niet op mijn plek, wil elke grens over om mijn bed neer te zetten op het eerste, het beste plekje dat kietelt aan mijn binnenste om me te laten weten dat ik thuis ben. Ik wil een ander vertellen hoe het werkt daarbinnen en op die plek, maar ik snap niet hoe. De dingen die ik zeg zijn de dingen die licht genoeg zijn om zo weg te geven. De rest, dat zware, dat blijft zitten.

Ik kan nog uren doorgaan. Ik zit ook al uren met een fineliner in mijn hand pagina’s vol te kalken aan mijn bureau. Gewoon om dit eruit te krijgen en om uit te leggen waarom ik alleen maar mezelf wil zijn. De Edivania Vany die op een berg zit met haar ogen dicht omdat ze wil voelen dat ze ergens is in plaats van het te zien. Dat maffe kind dat op het punt staat iets geniaals op papier te zetten omdat ze zich niet genoeg bekommert om de afwas om haar pen links te laten liggen. Ik wil mezelf zijn zonder de beperkingen die ik mezelf opleg door alles te overdenken tot het uit elkaar spat.

 

H A L L O 

 

Kom even naast me staan op die platgetrapte weg van zelfverbetering en vraag jezelf af wie je wilt zijn. En als je het al weet, of goed op weg bent: wat heeft jou geholpen? Deel het, misschien heeft een ander er ook iets aan en anders ben ik je in ieder geval enorm dankbaar. Hierna moeten we echter snel door; naar vraag twee, naar volgende week waarin ik mezelf blikkend en blozend de vraag stel wat ik wil zijn.

Hopelijk tot dan.

Liefs,

Vany.


Verder lezen
Over de invloed van verhalen vertellen op het leven
[ x ] via TED
[ x ] via TED

Nogmaals Daniel Sollberger “On Identity..”
[ x ] via NCBI

Geef een reactie