Je plaagt elkaar een beetje terwijl je in de ander het watje herkent waar je zelf in veranderd bent. Het soort mens dat dingen zegt als “voor altijd” en “zielsveel”. En hoewel je het eerst niet durft te zien en afwacht totdat het weer verdwijnt, komt die blik. Die blik die je vertelt dat hij in jou veel meer ziet dan de rest van de wereld doet, dat jij degene bent die het gras groener maakt en huisje, boompje, beestje verandert in meer dan een naïeve droom.

 

Gek hè?